Grote pupillen: een teken van intelligentie?

Er wordt soms gezegd: “de ogen zijn de poorten van de ziel”. Recent onderzoek heeft aangetoond dat er wel wat van waar zou kunnen zijn.

De pupillen reageren op meer dan alleen het licht. Ze veranderen ook bij opwinding, stress of uitputting. Pupilgroottes worden zelf bij de FBI opgemeten bij leugendetectie.  Voor ons zijn pupilgroottes ook belangrijk wanneer we de ogen gaan laseren.

Een studie aan de Georgia Institue of Technology toont aan dat er ook een link kan zijn met intelligentie: hoe groter de pupil, hoe groter de intelligentie. Bij drie studieopstellingen merkten ze dat het verschil in pupilgrootte in rust voorspellend was voor de uitkomst van cognitieve testen. Zelfs voldoende om te voorspellen wie de hoogste en de laagste scores had.

Maar waarom zou pupilgrootte een link kunnen hebben met intelligentie? Het antwoord hiervoor is gelinkt met de anatomie van de hersenen. Pupilgrootte hangt onder andere af van de activiteit in de locus coeruleus, een herstenfocus in de bovenste hersenstam met ver reikende connecties met de rest van de hersenen. Die locus coeruleus verspreidt norepinephrine, een hormoon en neurotransmitter dat perceptie, aandacht en geheugen regelt. Er zijn verschillende ziektes die de werking van dit hersendeel aantasten, zoals Alzheimer en ADHD. De theorie is dan dat mensen met een grotere pupil meer activiteit vertonen in die locus coeruleus, en dus beter aandachtig kunnen zijn.

Bron: Scientific American